17 april 2006 - 00u26:
Jason Watt (LVR GPR - Porsche 997): "Dit is fantastisch! Voor de eerste keer sinds mijn ongeval, nam ik deel aan een race over lange afstand en op mijn lievelingscircuit. Bedankt aan iedereen die dit mogelijk maakte. Ik wil zo snel mogelijk terugkeren voor de volgende wedstrijden van de BTCS!"
Martial Chouvel (TRI – Jaguar Xtype): "Ik zag helemaal niets meer. Ik kon zelfs niet meer in het spoor van Marc Duez blijven door de spray die zijn wagen veroorzaakte. Patrick Slaus en Loïc Deman gingen me ook nog voorbij omdat ik een probleem had met de pomp van de koppeling. In de tweede race kenden we ook geen geluk. Ik zag het lampje van de batterij enkele ronden branden en ik verwachtte dat de motor stilaan vermogen zou verliezen. Plots, op een afstand van 100 meter, viel alles uit. De oorzaak van de panne is nog niet gevonden, maar dit is natuurlijk geen goede zaak voor het kampioenschap. Jammer, want we bewezen vandaag dat de Jaguar een superwagen blijft en dat het potentieel zeker aanwezig is..."
Pascal Mathieu (TRI – Jaguar Xtype): "Rekening houdend met de omstandigheden, hebben we de schade goed kunnen beperken. Maar, het was bijzonder moeilijk om me te concentreren op het rijden in deze omstandigheden. Ik denk dat we het nog goed vanaf hebben gebracht..."
Marc Duez (GPR - Porsche 997): "De wagen is zeker nog niet perfect, maar voor een première mogen we zeker tevreden zijn met het resultaat. Het eerste weekend van de BTCS was zeker een succes en er heerste alom onzekerheid. Dat is een mooi teken van onze kracht en de uitslag had ongetwijfeld nog beter kunnen zijn voor ons. We staan 3de in het kampioenschap. Dat is een prima begin, want men mag niet vergeten dat deze wagen nog nieuw is..."
Jérôme Thiry (TRI – Jaguar Xtype): "Ik keek naar de witte lijn om te zien waar ik was. Ik heb de wagen meteen aan de kant gezet. Het was zinloos alles kapot te rijden en de tweede manche op het spel te zetten."
Albert Thiry (teambaas TRI - Jaguar Xtype): "Het weekend was moeilijker dan vooraf gedacht. Modder op de verwarmde voorruit, elektrische problemen op het slechtst denkbare moment, hier een daar een foutje van de piloten die te weinig kilometers met de wagen in de benen hadden, soms is er niet veel nodig om kostbare punten te verliezen. Het is nu aan ons om te reageren en te winnen op het circuit van Zolder, tijdens de volgende meeting van de BTCS. Vorig jaar was de verplaatsing naar Dijon voor ons ook een catastrofe. Maar, toch werden we nog kampioen. Er is dus geen reden tot paniek na deze minder geslaagde openingsmeeting voor onze wagens..."
update 20 april 2006 - 20u50:
Philippe Bonneel (MD Motorsport - MINI Cooper): "Te midden van het tumult van de eerste rondes won ik vrij snel enkele plaatsen en kwam mijn eerdere ervaring met hevige starts uit drie jaar MINI Challenge goed van pas. Ik viel aan zoals tijdens een sprintrace. Ondanks een zwaarder gewicht konden we ons permitteren om later te remmen en sneller door de bochten te gaan, enkel de topsnelheid mankeerde wat. Dat leverde ons de derde plaats in T3 op toen ik het stuur overgaf aan mijn ploegmaat John Ghillebaert. Toen werd het echter droog en wonnen de snellere wagens weer terrein. Op het eind van de race moest John overigens nog heel erg opletten wegens dreigende benzinepech. Bij de start van de tweede race liet John zich verrassen door de rollende start en viel er een gat van een paar honderd meter. Via een ware inhaalrace, waarbij ik in het begin té driest te keer ging, klommen we langzaam op in het klassement. Met nog een kwartier te rijden, vielen toen weer de eerste regendruppels. Ik gokte op binnenrijden in de pits en kiezen voor regenbanden, deed dat als een van de eersten, en die beslissing rendeerde meteen. Net buiten de pits viel het water weer met bakken uit de lucht en een inhaalfestival begon. In een mum van tijd haalde ik één voor één andere deelnemers bij, tot zelfs Porsches en andere krachtige machines. Ook ik moest naar het einde toe oppassen met een zo goed als lege tank, maar speelde alles of niets en het lukte."
TRI press/Porsche press/Bonneel press