24H du Mans in 2011 onderdeel van ILMC - Nieuwe reglementen - GT1 verdwijnt

De Intercontinental Le Mans Cup (ILMC), een kampioenschap dat wedstrijden uit de Le Mans Series de American Le Mans Series en de Asian Le Mans Series bevat, kent dit jaar zijn eerste seizoen. Dit seizoen staan er een drietal wedstrijden op de kalender, met name de 1000km van Silverstone, Petit Le Mans en de zes uur durende "finale" in Zhuhai. Volgend jaar wordt de kalender uitgebreid naar zeven wedstrijden; drie manches in de LMS, 2 in de Amerikaanse tegenhanger ALMS, één in de Asian LMS en... de 24 Heures du Mans!

In 2011 verdwijnt de LMGT1 categorie uit de 24 Heures du Mans. ACO zal, in de plaats van GT1 en GT2, slechts één GT klasse weerhouden, met daarin een onderverdeling volgens het Pro/Am principe. Concreet betekent dit dat in de eerste "divisie" (LM GT Pro) fabrieksteams zijn toegelaten, terwijl in de tweede "divisie" (LM GT Am) enkel entries van "jahreswagens" met minimum twee "amateur" piloten worden goedgekeurd. Geen nagelnieuwe bolides dus bij deze laatste categorie en vooral "silver" en "brons" piloten achter het stuurwiel. De reden voor deze markante keuze origineert in de vaststelling dat het nieuwe (FIA) GT1 reglement niet zou stroken met de visie van ACO (endurance) en de FIA GT1 en LMS kalenders te vaak zouden overlappen.

Afgaande op eerdere communicatie van ACO krijgen we in 2011 merkbaar nieuwe reglementen. Deze nieuwe reglementering is gebaseerd op twee grote pijlers. Ten eerste moet de reglementering deelnemers toelaten "nieuwe" technologieën uit te proberen en ten tweede moeten de 24 Heures du Mans meer georienteerd worden in de richting van het beperken van CO2-emissie en het verlagen van het brandstofverbruik. Om deze gedachtengang te ondersteunen, laat ACO bijvoorbeeld hybride systemen toe, in een vrij ruime context. Zo krijgen wagens de mogelijkheid om kinetische energie op te vangen en vrij te geven op twee wielen op zowel de voor of achteras zolang de maximale vrijgave tussen twee remfases onder de 500 kilojoule blijft. Constructeurs krijgen tevens de keuze om voor een mechanische dan wel elektrische "KERS" te opteren. KERS blijft niet enkel beperkt tot het winnen van kracht uit de remmen; een deelnemer mag ook energie recupereren uit de uitlaat, motorwarmte, schokdempers enzovoort. Alle LM P1 en LM P2 wagens die gebruik wensen te maken van hybridesystemen moeten bovendien de pitlane (400 meter) kunnen doorkruisen tegen 60 km/u zonder daarbij gebruik te maken van andere systemen dan de hybride-aandrijving.

Naast een groene focus, legt de ACO ook restricties op vlak van duurzaamheid. Alle motoren (in LM P1 en LM P2) worden minder krachtig en deze in LM P2 komen dicht bij LM GT2 te liggen en moeten langer meegaan; 30 uur in 2011, 40 uur in 2012 en 50 uur in 2013. Daarnaast wordt een "serie productiemotor" de standaard in de nieuwe "low cost" LM P2 klasse; een motor mag maximaal 75 000 euro kosten, een chassis 400 000 euro (inclusief motor).

De "oude" LM P1's worden nog een extra jaar toegelaten, maar de ontwikkeling van de chassis wordt gestaakt (op 31 december dit jaar) en hun performantie wordt aangepast aan deze van de nieuwe bolides; gezien het barre ecnomische klimaat geen ondoordachte beslissing.


   



Martijn Wouters

Van onze redacteur

Martijn Wouters

Dit artikel werd gepubliceerd in 24H du Mans
op donderdag 10 juni 2010 om 15:02


Andere publicaties op Racingworld.be...