Tijdens het weekend van de legendarische etmaalrace wordt het publiek vergast op een zeer verschillend maar niet minder spectaculair nummer: het FIA World Touring Car Championship (FIA WTCC), met twee sprintnummers van 25 minuten. De absolute top voor toerwagens, zaterdag vroeg in de namiddag. Zeven constructeurs (waaronder vijf fabrieken) – Alfa Romeo, BMW, Ford, GM, Honda, Peugeot en SEAT – nemen het in dit nagelnieuwe Wereldkampioenschap tegen elkaar op. Het FIA WTCC bezoekt dit jaar drie continenten met schitterende machines, een indrukwekkende omkadering en absolute toprijders.
Vorig jaar veroverde de Belg Bart Mampaey (RBM) met zijn team de Europese kroon in het FIA ETCC, toen hij verantwoordelijk was voor het BMW Team Great Britain. Dit jaar staat de team manager uit Mechelen opnieuw aan het hoofd van die structuur, en opnieuw zit Andy Priaulx achter het stuur. Alleen is de inzet deze keer hoger, want het Europees kampioenschap is uitgegroeid tot een wereldwijde competitie. Waarin het team van Mampaey opnieuw op de 320i rekent. De resultaten zijn zeer bemoedigend, met onder andere twee podiumplaatsen in Magny-Cours.
Voor de zowat 35 ingeschreven auto’s wordt Spa de zesde manche van tien. Nieuwkomers zoals Chevrolet hebben ondertussen al heel wat vooruitgang geboekt, terwijl de tenoren zich andermaal zullen moeten overtreffen om het verschil te maken, deze keer op een circuit waar ieder foutje genadeloos wordt afgestraft. Deze manche wordt inderdaad een topper voor iedereen die van autosport houdt.
Hoe kijkt Bart Mampaey aan tegen deze twee thuisraces ?
"We hebben natuurlijk een speciale band met het circuit van Spa-Francorchamps. Deze plaats speelde een belangrijke rol in de geschiedenis van mijn familie. Hier is het dat mijn vader zijn mooiste successen oogstte met het team Juma. Later beleefde ook ik hier grote momenten met RBM. Toch ben ik helemaal niet van plan mijn strategie bij te sturen om mijn kansen in Spa te vergroten, door bijvoorbeeld met een minimum aan ballast te racen. Ik benader die twee Belgische races met het kampioenschap in het achterhoofd, niet als een must om voor eigen publiek te schitteren."
Vorig jaar werd Andy Priaulx kampioen. Dat verhoogde wellicht de druk op het team?
"Niet echt. We hebben geen fundamentele dingen veranderd aan de manier waarop we het team leiden, zowel op sportief als technisch gebied. We hebben ons vooral moeten organiseren op het terrein van marketing en media. De journalisten lopen nu vaker bij ons langs. Daarbij komt dat Andy in verscheidene programma’s actief is. Hij won zopas de 24 Uren van de Nürburgring met BMW Motorsport, hij test in de Formule 1 voor BMW-Williams. Hij is dus minder beschikbaar voor ons. Anderzijds worden wij ook beter van de ervaring die hij opdoet."
In welke mate biedt het FIA WTCC een meerwaarde in vergelijking met het FIA ETCC?
"Het kampioenschap is duidelijk geëvolueerd. Almaar meer constructeurs interesseren er zich voor, de pers heeft meer aandacht voor ons, er zijn almaar meer televisiestations die beelden van onze races laten zien. De grootste verdienste van het FIA WTCC is volgens mij dat het iets heeft losgemaakt bij de partners. Ze hebben ingezien dat ze in ruil voor een aanvaardbare investering een spektakel van hoge kwaliteit en internationale return krijgen."
Ondanks een gewichtshandicap van 50 kg, de prijs voor jullie uitstekende resultaten in het begin van het seizoen, maakte Andy Priaulx een grote indruk in Silverstone.
"Klopt, Andy was daar heel snel. Met iets meer geluk in de eerste manche en zonder die lekke band in de tweede stond hij telkens op het podium. We hebben hard gewerkt aan het evenwicht van de auto. BMW Motorsport stelt in iedere meeting zijn ingenieurs ter beschikking van een team, en in Engeland was het onze beurt. Ook in Francorchamps zullen we op hen kunnen rekenen."
Press Proximus 24H
Bart Mampaey (RBM) over de WTCC race in Spa...
Dit artikel werd gepubliceerd door in WTCC op donderdag 26 mei 2005 om 09:45

